Contact

E: info@tomfranken.nl

Statement

De aanzet tot het maken van een kunstwerk is meestal iets futiels, een paar vegen op het doek is vaak al genoeg om het proces in gang te zetten. Zelden heb ik bij het begin een plan van aanpak of een concreet voorbeeld voor ogen. Al doende, met vallen en opstaan, ontstaat in het verloop van het maakproces  de uiteindelijke vorm van het werk.

Schilderij, collage, assemblage of wandobject ontstaat dus meestal op een organische wijze,  terwijl ik bezig ben de door mij verzamelde materialen via bepaalde methodes en technieken op allerlei manieren met elkaar op het doek te combineren en te testen op hun formele werking.

De laatste jaren ben ik me meer gaan richten op het genre van het landsschapschilderen, een breed veld dat gemakkelijk toegankelijk is: een horizontale lijn op het doek suggereert een horizon, twee horizontale kleurvlakken een landschap. Een veld waarin ik me ondermeer bezighoud met de wisselwerking tussen elementen uit de (neo-) romantische landschapsschilderkunst en elementen uit de minimalistische of abstract-expressionistische hoek.

Wanneer een schilderij af is, begint het een eigen leven, onafhankelijk van de maker. De intieme verhouding tijdens het maakproces maakt plaats voor die van kijker en kunstwerk. Als kijker onderscheidt  de maker van het ding zich niet wezenlijk van elke andere kijker, behalve dan dat  hij de herinnering aan de ontstaansgeschiedenis met zich meedraagt,. Deze herinnering kleurt ongetwijfeld de manier waarop hij het beeld bekijkt . De blik van elke kijker wordt gevormd door zijn eigen specifieke ervaring en kennis en is in principe niet niet meer of minder waar(d) dan die van de kunstenaar als kijker. Het is dan ook aan de kijker om wat ik hier over mijn werk schrijf mee te laten spelen in de manier waarop hij kijkt.

Het relatief kleine schilderij heeft een liggend formaat (40x50 cm). Het bestaat uit twee even grote, horizontale stroken met daartussenin een smalle strook. Formaat en compositie suggereren dat het gaat om een vrij traditionele, zij het geabstraheerde voorstelling van een landschap met een voor-, midden- en achterplan. Het achterplan is niet geheel opaque, de opgebrachte verf is later uitgestreken, horizontale strepen, die een voorbijschietend landschap, een illusoire diepte doen vermoeden, het smalle middenplan is volkomen ondoorzichtig, monochroom en gladgestreken, beeld en medium vallen hier met elkaar samen, het voorplan, tenslotte, bestaat uit opgebrachte plukjes wol, stukjes hoogpolig tapijt,elementen die het fysieke bestaan van het schilderij als ding, als object benadrukken. Het schilderij heeft dan ook een ambigue, hybride karaker, pendelend tussen figuratie en abstractie, imaginaire ruimte en sculpturale oppervlakte. Hierbij kan het middenplan op gevat worden als een grensstrook of als een overgangsgebied tussen het meer schilderkunstige en het sculpturale. Dit sculpturale, het voorplan, stelt zich uitdrukkelijk open voor de tentoonstellingsruimte waarin het hangt en nodigt door haar tactiele oppervlak de toeschouwer uit om te kijken met zijn handen. Tegelijkertijd vormt deze laag, zoals in de traditonele landschapskunst het repoussoir, de entree tot het schilderij voor de toeschouwer. Wanneer de kijker zich evenwijdig aan het schilderij beweegt of wanneer de lichtomstandigheden zich wijzigen verandert de aanblik het meest in het deel van het doek met de uitgesproken textuur. Gaat de toeschouwer nog meer naar rechts of links dan komt ook een zijkant van het doek in zicht (het schilderij is niet ingelijst), met daarop sporen verf of ander materiaal dat tijdens het maken van het schilderij is gebruikt: het schilderij is niet alleen een ding, het is ook en vooral een gemaakt ding.